Alkmaars dichtersgilde

geschreven voor de 8 oktober-viering 2010, voorgelezen tijdens de kranslegging bij het Victoriebeeld

ALKMAARS ONTZET

 Haar ogen gloeien, gloeien fel,
de Spanjaard zal ze  
mores leren
met overschietend huisvuil.  
Het is vuurwerk in haar hoofd. 
 
Haar kroost moet spelen in een vrije stad,  
haar kroost moet vrijuit kunnen feesten. 
 
De graaf heeft het gezegd  
- ’t is 1573, vroeg in april -               
‘Bewaar uw afval voor het schitterend doel,
de kerkklok luidt de actie in,  bewaar
uw mest voor het dichten van de Friese Poort.’
 
Haar kroost moet spelen in een vrije stad,
haar kroost moet vrijuit kunnen feesten. 
 
Nog voor geen paapse duvel bang,
spaart ze slachtafval en vissenkop.  
In rieten manden bergt ze darmen
de krengen pot ze,
diep steekt ze stinkend vuil van mens en dier. 
 
Zodra de vijand zuidwaarts is verjaagd
door huisvuilwallen, kolkend water, brandend pek,
’t is 8 oktober – lapt ze bij
navonkend vuurwerk
de kraaiend bonte schorten van haar kroost
dat nu kan spelen in een vrije stad
kan feesten in de herstelde stad.

© Liselotte Demmers