Alkmaars dichtersgilde

geschreven voor de stad, onthuld op 30 september 2010
in de fietsenstalling onder het Canadaplein


GEEN WOORD

Er is geen woord voor missen, hoewel

ik het hoor in de merel die zingt
in de tuin waar jij niet bent. Geen woord
voor het mankeren van de dagelijkse
dingen; het snijden van brood, de zoete
stroop van simpele zinnen. Geen woord
voor de te ontberen belofte
dat er een eeuwig zal zijn. Dat jij
de enige zal zijn, dat ik een woord
vind waarin liefde past als mijn koude
lichaam in jouw winterjas. Je zat
laat op de avond in je stoel en zei
dat het voorbij was en ik vroeg me af
waarom ik geen woorden had, maar stuivend
zand licht als kruim, duin zonder pad.
 
Ik wist van kindsbeen af dat brood
geen weg bezat. Ver weg hoorde ik
vleugelslagen. Klap na klap. En jij zat.

©  Margreet Schouwenaar